Kinderboekauteurs en illustratoren

Annie M.G. Schmidt: leven, werk en invloed op de Nederlandse kinderliteratuur

Annelies de Vries Annelies de Vries
· · 6 min leestijd

Ken je dat? Een naam die je meteen doet glimlachen.

Inhoudsopgave
  1. De vroege jaren: Een begin vol verhalen
  2. De doorbraak: Een einde aan de stoffige verhalen
  3. Jip en Janneke: De ultieme klassieker
  4. De liedjes en musicals: Muziek in de oren
  5. Invloed op de Nederlandse kinderliteratuur
  6. De erfenis: Waarom we haar nog steeds lezen
  7. Conclusie

Zonder dat je erbij nadenkt. Annie M.G. Schmidt is zulke naam.

In Nederland groeit iedereen op met haar verhalen. Of je nu zestien of zestig bent, je kent Abeltje, Dikkertje Dap of Jip en Janneke. Ze is veel meer dan alleen een schrijfster; ze is een icoon. Ze schreef niet alleen voor kinderen, ze begreep ze.

En soms, heel soms, schreef ze ook voor volwassenen die stiekem nog een kinderhart hebben.

In dit artikel duiken we in het leven van deze bijzondere vrouw en ontdekken we waarom ze nog steeds zo belangrijk is.

De vroege jaren: Een begin vol verhalen

Annie M.G. Schmidt werd geboren in 1911 in Capelle aan den IJssel.

Dat is nu een drukke stad, maar vroeger was het een klein dorp. Ze groeide op in een warm gezin, met een moeder die toneelstukken schreef en een vader die bakker was. Van jongs af aan hield Annie van verhalen vertellen. Ze was een dromer.

Als kind zat ze het liefst te lezen of te schrijven in een hoekje van de klas. Na de middelbare school wilde ze eigenlijk toneelschrijver worden.

Dat lukte niet meteen. Ze deed een opleiding voor bibliothecaris en later voor journaliste.

Die banen waren nuttig, maar het waren niet haar dromen. Ze werkte bijvoorbeeld bij de radio en schreef artikelen. Toch bleef het kriebelen.

Ze wilde iets creëren dat bleef bestaan. Iets waar kinderen echt iets aan hadden.

In die tijd, rond 1930, was kinderliteratuur nog heel streng en moralistisch. Kinderen moesten braaf zijn en vooral geen kattenkwaad uithalen. Annie dacht daar heel anders over.

De doorbraak: Een einde aan de stoffige verhalen

Na de Tweede Wereldoorlog, in 1946, besloot Annie M.G. Schmidt het roer om te gooien.

Ze begon met het schrijven van kinderboeken. Ze wilde geen saaie verhalen waarin kinderen alleen maar leerden. Ze wilde verhalen waarin kinderen écht waren: ondeugend, nieuwsgierig en soms een beetje stout. Een van haar eerste grote successen was het boek Abeltje.

Dit verhaal gaat over een liftboy die per ongeluk een lift naar de zolder van een wolkenkrabber neemt en daar in de wolken belandt. Het was grappig, spannend en een beetje stout.

Kinderen vonden het geweldig. Maar volwassenen vonden het soms eng.

Ze zeiden: "Dit is geen goed voorbeeld voor kinderen!" Annie lachte daarom. Ze vond dat kinderen juist mochten dromen over avonturen die in het echt niet mogen. Haar stijl was uniek.

Ze schreef in een taal die makkelijk te lezen was, maar wel rijk aan woorden. Ze hield van rijmen en ritme.

Haar zinnen liepen soepel. Je las haar boeken niet alleen, je hoorde ze bijna. Dat maakte haar werk zo levendig.

Jip en Janneke: De ultieme klassieker

Als je aan Annie M.G. Schmidt denkt, denk je waarschijnlijk aan Jip en Janneke.

Deze twee kleuters zijn onsterfelijk geworden. Ze verschenen voor het eerst in 1952 in het tijdschrift Donald Duck.

Later werden het boeken. Jip is een jongen en Janneke is een meisje. Ze zijn buren en beste vrienden.

Ze doen samen dingen die alle kleine kinderen doen: zandtaartjes bakken, katten kwaad maken en ruzie maken. Maar ze doen het met zoveel charme dat je niet boos kunt worden.

Annie schreef de verhalen in korte, krachtige zinnen. De tekeningen werden gemaakt door Fiep Westendorp. Dat was een gouden combinatie, vergelijkbaar met de iconische stijl van Dick Bruna. Fiep gaf Jip en Janneke een tijdloze uitstraling.

De beelden zijn nog steeds overal te zien: op mokken, tassen en posters.

Waarom zijn Jip en Janneke zo populair? Omdat ze herkenbaar zijn. Ze zijn niet perfect. Ze maken rommel.

Ze zeggen dingen die niet mogen. Maar bovenal: ze hebben lol. Annie liet zien dat kinderen mogen zijn wie ze zijn.

De liedjes en musicals: Muziek in de oren

Annie M.G. Schmidt was niet alleen een boekenschrijver.

Ze schreef ook toneelstukken en liedjes. Een van haar grootste successen was de musical Heerlijk duurt het langst (1965). Dit stuk ging over volwassenen die zich soms weer als kinderen gingen gedragen. Het was een komedie, maar met een diepere laag.

Ze werkte samen met componist Harry Bannink. Samen creëerden ze honderden liedjes.

Een bekend liedje is "Dikkertje Dap". Dit liedje gaat over een giraf die op een paard rijdt.

Het is een absurde gedachte, maar het werkt perfect. De liedjes zijn simpel, maar blijven hangen. Tot op de dag van vandaag zingen mensen deze liedjes nog.

Haar werk voor volwassenen was soms scherp en satirisch. Ze maakte grapjes over de Nederlandse samenleving.

Maar altijd met een warm hart. Ze keek met een glimlach naar de wereld.

Invloed op de Nederlandse kinderliteratuur

De invloed van Annie M.G. Schmidt op de Nederlandse kinderliteratuur is, net als bij de geliefde boeken van Roald Dahl, enorm.

Vóór haar tijd waren kinderboeken vaak saai en educatief. Ze moesten kinderen iets leren. Annie veranderde dat. Ze liet zien dat kinderboeken ook gewoon leuk mogen zijn, een traditie die later werd voortgezet door auteurs zoals Vivian den Hollander met haar meidenboeken.

Dat plezier net zo belangrijk is als leren. Ze brak met de traditie van het "braaf zijn".

Haar personages waren niet altijd braaf. Ze waren ondeugend, eigenwijs en soms een beetje stout. Dat was revolutionair. Het gaf kinderen de ruimte om zichzelf te zijn. Veel schrijvers na haar hebben deze vrijheid overgenomen.

Denk aan auteurs als Paul van Ostaijen, maar ook moderne schrijvers zoals Jacques Vriens. Annie schreef in een tijd dat er weinig aandacht was voor kinderliteratuur.

Ze heeft het genre op de kaart gezet. Ze won vele prijzen, waaronder de staatsprijs voor kinderliteratuur (nu de Theo Thijssen-prijs). Ze was de eerste vrouw die deze prijs won.

Haar werk is vertaald in vele talen. Wereldwijd kennen mensen haar verhalen.

De erfenis: Waarom we haar nog steeds lezen

Annie M.G. Schmidt overleed in 1995, maar haar werk leeft voort. Haar boeken staan in bijna elke bibliotheek.

Scholen gebruiken haar verhalen om kinderen te leren lezen. Maar belangrijker nog: kinderen lezen haar boeken uit vrije wil. Ze zijn tijdloos.

Omdat ze over universele dingen gaan: vriendschap, avontuur en de lol van alledag. Er zijn musea over haar werk, zoals het Annie M.G.

Schmidt Huis in Amsterdam (hoewel dat gesloten is, blijft de erfenis bestaan). Op scholen worden haar gedichten nog steeds geleerd. Haar figuren, zoals Jip en Janneke, zijn iconen geworden in de Nederlandse cultuur.

Ze zijn net zo Nederlands als klompen en tulpen. Wat Annie M.G.

Schmidt zo speciaal maakt, is haar empathie. Ze keek naar kinderen en zag wie ze echt waren. Ze schreef niet vanuit een hooghartig oogpunt, maar vanuit gelijkwaardigheid. Ze liet zien dat kinderen slim zijn en een eigen mening hebben. Dat was nieuw. En dat is nog steeds nodig.

Conclusie

Annie M.G. Schmidt was een pionier. Ze transformeerde de Nederlandse kinderliteratuur van stoffig en streng naar vrolijk en vrij.

Met haar eenvoudige taal, haar scherpe observaties en haar onuitputtelijke fantasie creëerde ze een universum waar kinderen en volwassenen van kunnen genieten.

Haar invloed is overal: in de boeken die we lezen, de liedjes die we zingen en de manier waarop we naar kinderen kijken. Ze liet ons zien dat "gewoon" heel bijzonder kan zijn. En dat is een gave die we nog lang niet vergeten zijn.


Annelies de Vries
Annelies de Vries
Pedagoog en specialist in kinderboeken

Annelies is een ervaren pedagoog met een passie voor de ontwikkeling van kinderen via prentenboeken.

Meer over Kinderboekauteurs en illustratoren

Bekijk alle 19 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Paul van Loon: de meest gelezen kinderboekenschrijver van Nederland
Lees verder →